
We praten wat af over de toekomst van de arbeidsmarkt. Over leiderschap, talentontwikkeling, duurzame inzetbaarheid en de impact van AI. We organiseren trainingen, schrijven beleidsplannen en bedenken nieuwe manieren om medewerkers te binden en te boeien. Maar ondertussen lukt het ons steeds minder goed om het gewone werk georganiseerd te krijgen.
Misschien moeten we ons eens afvragen waar we eigenlijk mee bezig zijn.
We hebben een arbeidsmarkt gecreëerd waarin ontwikkeling bijna een verplichting is geworden. Je moet groeien, ambities hebben, jezelf blijven uitdagen en vooral niet te lang op dezelfde plek blijven zitten. Wie doorgroeit, is succesvol. Wie jarenlang hetzelfde werk doet, moet blijkbaar nodig eens nadenken over zijn toekomst. Maar sinds wanneer is goed zijn in je vak niet meer genoeg?
We hebben verpleegkundigen nodig die willen verplegen, pedagogisch professionals die met kinderen willen werken en vakmensen die hun werk verstaan. Toch lijken we soms meer bezig met de vraag hoe we mensen kunnen laten doorgroeien dan met hoe we ervoor zorgen dat ze hun werk goed kunnen blijven doen. En daar zit een vreemde tegenstrijdigheid.
We klagen over personeelstekorten, maar halen goede professionals van de werkvloer om ze manager te maken. We willen meer kwaliteit, maar vullen de werkdagen met administratie, verantwoording en overleg. We roepen dat medewerkers autonomie verdienen, maar voeren ondertussen steeds meer controle in. En vervolgens vragen we ons af waarom mensen hun werkplezier verliezen.
De opkomst van AI maakt deze discussie alleen maar urgenter. Steeds meer kenniswerk en administratieve taken kunnen worden geautomatiseerd. Maar een kind dat aandacht nodig heeft, een oudere die verzorgd moet worden of een installatie die gerepareerd moet worden, laat zich niet vervangen door een slimme applicatie.
Toch is de reflex voorspelbaar. Meer investeren in professionals. Betere arbeidsvoorwaarden, hogere salarissen en meer ontwikkelmogelijkheden. Maar zo eenvoudig is het niet. In de zorg en kinderopvang zijn personeelskosten al een groot onderdeel van de begroting. We kunnen blijven roepen dat mensen meer verdienen, maar die rekening moet uiteindelijk wel betaald worden. Door ouders, cliënten, belastingbetalers of de overheid. En ergens houdt dat op.
Bovendien is het nogal gemakkelijk om alle verantwoordelijkheid bij werkgevers neer te leggen. Want ook medewerkers hebben verwachtingen die niet altijd met elkaar te verenigen zijn. Meer autonomie, maar niet altijd de bijbehorende verantwoordelijkheid. Meer flexibiliteit, zolang de organisatie zich maar aanpast. Meer waardering, maar soms weinig bereidheid om zelf mee te bewegen wanneer omstandigheden veranderen.
Dat geldt natuurlijk niet voor iedereen. Maar doen alsof goed werkgeverschap alle problemen oplost, is net zo onrealistisch als denken dat een hoger salaris automatisch leidt tot meer betrokkenheid.
En dan hebben we nog onze managers. Van hen verwachten we inmiddels dat ze coach, psycholoog, strateeg, planner, verbinder en probleemoplosser tegelijk zijn. Ze moeten medewerkers ruimte geven, maar wel alles onder controle houden. Kosten besparen, maar tegelijkertijd investeren. Begrip tonen voor individuele wensen, maar ook zorgen dat de organisatie blijft draaien.
En als dat niet lukt, ligt het aan de kwaliteit van leiderschap. Misschien is dat wel de gemakkelijkste conclusie van allemaal.
Neem contact op met ons voor een kennismaking.
Deze website gebruikt cookies. Door gebruik te maken van deze website, geef je aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies. Lees meer